Even voorstellen
Ik ben Anouschka
Op mijn geboortekaartje schreven mijn ouders bij mijn beroep: filantroop.
Hoe ze dat toen al konden weten, vind ik nog steeds bijzonder en vooral heel grappig. Want als ik terugkijk naar de rode draad in mijn leven en mijn werk, hadden ze het eigenlijk verrassend goed gezien.
Menslievendheid is voor mij altijd een belangrijk vertrekpunt geweest. Ik heb van jongs af aan sterk gevoeld dat ik hier ben om iets bij te dragen. Dat klinkt misschien groot, maar voor mij voelt het juist heel vanzelfsprekend. Ik wil iets kunnen betekenen waardoor het leven voor mensen een stukje mooier, zachter, begrijpelijker, liefdevoller of troostender kan worden.
Daar zit bij mij ook daadkracht onder. Alleen iets mooi of belangrijk vinden is voor mij niet genoeg. Ik wil onderzoeken wat mogelijk is, iets bedenken, het maken, uitproberen en uiteindelijk een vorm creëren waarmee een ander daadwerkelijk verder kan.
Al vanaf jonge leeftijd hield ik me bezig met de grotere vragen van het leven. Wie zijn we als mens? Waarom zijn we hier? Wat maakt ons tot wie we zijn? Wat gebeurt er tussen mensen? En wat is er misschien nog meer dan wat we direct kunnen zien en begrijpen?
Die nieuwsgierigheid is eigenlijk nooit meer weggegaan.
De eeuwige onderzoeker
Ik denk dat eeuwige onderzoeker mij eigenlijk heel goed omschrijft. Ik wil begrijpen hoe iets werkt, maar daar stopt het voor mij niet. Bijna automatisch volgt de volgende vraag: kunnen we hier iets mee? Kan het anders? Kan het eenvoudiger, zachter of prettiger? Kunnen we iets maken waardoor een mens iets kan ervaren wat met woorden alleen moeilijk bereikbaar is?
Mijn onderzoek vindt daarom ook niet alleen plaats in boeken of opleidingen. Ik onderzoek door te leven, te ervaren, waar te nemen, met mensen te werken, te creëren en vooral ook te verbinden. Mensen met elkaar, kennis met ervaring, het tastbare met het ontastbare en werelden die op het eerste gezicht misschien ver uit elkaar lijken te liggen. Ik probeer iets uit, kijk wat er gebeurt en onderzoek van daaruit weer verder.
Daarbij ben ik altijd nieuwsgierig geweest naar verschillende vakgebieden en perspectieven. Ik heb in heel verschillende werelden gewerkt en juist die breedte heeft mij veel gebracht. Ik leg gemakkelijk verbanden tussen dingen die op het eerste gezicht misschien weinig met elkaar te maken hebben en zie vaak mogelijkheden om kennis, ervaring en creativiteit op een nieuwe manier bij elkaar te brengen.
Een echte autodidact
Ik ben een echte autodidact. Niet omdat ik kennis of opleidingen niet interessant vind – integendeel. Ik kan juist eindeloos nieuwsgierig zijn naar nieuwe kennis. Maar ik wil altijd weten waar iets vandaan komt. Wie heeft het bedacht? Waarom is het zo opgebouwd? Waarop is een bepaalde visie gebaseerd? En wat blijft er over wanneer ik helemaal terugga naar de kern?
Ik neem iets daarom niet gemakkelijk aan omdat iemand zegt dat het zo is. Ik wil het zelf onderzoeken, ervaren en doorgronden. Dat betekent ook dat ik vaak liever eerst ergens onbevangen in stap voordat ik me uitgebreid verdiep in hoe anderen ernaar kijken. Zodra iemand mij een theorie, model of visie aanreikt, kijk ik immers al een beetje door de bril van degene die dat model heeft gemaakt. En juist voordat die bril er is, wil ik zelf kunnen kijken: wat neem ík waar? Wat ervaar ik? Wat ontdek ik wanneer ik nog niet weet wat ik volgens een bepaalde theorie zou kunnen tegenkomen?
Daarna vind ik het juist interessant om kennis erbij te halen, verschillende visies naast elkaar te leggen en terug te gaan naar de oorsprong. Hoe deden mensen dit vroeger? Wanneer werd iets voor het eerst beschreven of toegepast? Vanuit welk mens- en wereldbeeld werd er toen naar gekeken? Regelmatig kom ik dan dingen tegen die verrassend veel overeenkomsten hebben met wat ik zelf, vanuit mijn eigen ervaring en onderzoek, heb ontdekt.
Zo leer ik het liefst: eerst zelf onderzoeken en ervaren, vervolgens begrijpen, verdiepen en verbinden. Dat heeft mij door de jaren heen een brede en soms eigenzinnige verzameling aan kennis en ervaring gebracht. Ik heb uit allerlei vakgebieden geput, maar voel weinig behoefte om mij volledig binnen één bestaande stroming of visie te plaatsen. Ik wil kunnen blijven kijken, vragen stellen en mijn eigen conclusies trekken.
Die manier van leren zie je ook terug in wat ik zelf ontwikkel. Ik wil mensen een stevige basis en voldoende kennis meegeven, maar niet vooraf alles voor hen invullen. Er moet ruimte blijven om zelf te ervaren, waar te nemen, te onderzoeken en uiteindelijk een eigen verhouding te vinden tot wat je leert.
Steeds een andere vorm
De vorm van mijn werk is door de jaren heen regelmatig veranderd. Misschien is het gemakkelijker om te zeggen dat ik eigenlijk altijd wel iets aan het onderzoeken, maken, bouwen of ontwikkelen ben.
Ik heb mensen persoonlijk begeleid en gewerkt rondom afscheid, verlies en grote levensvragen. Ik heb producten en concepten ontwikkeld, geschilderd en geschreven en gewerkt met dans en beweging om mensen weer plezier, vrijheid en levensenergie in hun lichaam te laten ervaren.
Ook ontwierp ik grote wensbomen, de Wifitrees, die onder andere in ziekenhuizen werden geplaatst. Mensen konden daar hun wensen, gedachten en verhalen achterlaten. Ook daarin zat dezelfde beweging: iets wat vanbinnen leeft een tastbare plek geven.
Maar mijn creëren beperkt zich niet tot producten of begeleiding. Ik heb ook gebouwd en verbouwd en me uitgebreid verdiept in de relatie tussen mens, ruimte en functie. Wat doet een ruimte met mensen? Wat vraagt een plek wanneer mensen er wonen, werken, ontmoeten, herstellen of creëren? En hoe kun je een omgeving zo vormgeven dat zij ondersteunt wat daar moet kunnen gebeuren?
Op het eerste gezicht zijn een verbouwing, een wensboom, dans, een schilderij, persoonlijke begeleiding en een methodiek totaal verschillende dingen. Voor mij komen ze uit dezelfde bron.
Er is iets wat mij raakt, fascineert of nieuwsgierig maakt. Ik wil begrijpen wat er gebeurt, welke elementen elkaar beïnvloeden en wat er mogelijk is. Vervolgens ontstaat bijna vanzelf de behoefte om er iets mee te doen en een vorm te creëren die klopt bij wat daar nodig is.
Creëren is mijn manier van leven
Als je me zou vragen wat mijn hobby is, vind ik dat eigenlijk lastig te beantwoorden. Mijn werk en wie ik ben lopen daarvoor veel te veel door elkaar heen. Mijn werk is mij.
Niet omdat ik vind dat een mens alleen maar moet werken, maar omdat onderzoeken, creëren, verbinden en ontwikkelen voor mij geen activiteiten zijn die beginnen wanneer mijn werkdag start en ophouden wanneer die eindigt. Het is hoe ik naar de wereld kijk en hoe ik me door het leven beweeg.
Mensen die mij kennen, kennen mij waarschijnlijk ook zo. Ik ben altijd wel iets aan het maken, onderzoeken, veranderen of ontwikkelen: een schilderij, een ruimte, een concept, een tekst, een product, een methodiek of ineens weer iets totaal anders.
Ik word blij van een eerste idee waarvan nog niemand precies weet wat het gaat worden. Van onderzoeken, verbanden leggen, vormgeven, bouwen en net zolang bewegen tot iets ineens klopt. Inmiddels weet ik dat juist dáár mijn kracht ligt. Niet in één vorm kiezen en die vervolgens eindeloos herhalen, maar in beweging, vernieuwing en creatie.
En wanneer iets wat ik heb gemaakt vervolgens door iemand anders wordt gebruikt, ervaren of verder gedragen, krijgt creëren voor mij nog een extra betekenis.
Als je mij al langer kent
Als je mij al langer kent, heb je me waarschijnlijk door de jaren heen met heel verschillende dingen bezig gezien. En vaak ook niet een klein beetje. Als iets me raakt of enthousiast maakt, kan ik er helemaal induiken, het onderzoeken en er iets groots van maken.
Misschien heb ik alleen niet altijd uitgelegd waarom ik al die verschillende dingen deed. Voor mijzelf voelde de samenhang er wel, maar ik heb haar nooit zo volledig naar buiten gebracht. Daardoor konden de verschillende dingen die ik deed los van elkaar lijken, terwijl ze voor mij eigenlijk altijd uit dezelfde bron zijn ontstaan.
Nu ik deze woorden opschrijf, realiseer ik me dat dit misschien wel de eerste keer in mijn leven is dat ik zo volledig vertel wie ik ben, wat mij beweegt en waarom ik doe wat ik doe. En alleen dat voelt al bijzonder.
Want ineens wordt zichtbaar dat al die verschillende wegen, onderzoeken, ideeën, creaties en vormen van werk helemaal niet zo los van elkaar stonden. Ze vertellen samen één verhaal.
Dit is wie ik ben. Dit is hoe ik beweeg. En dit is waarom ik steeds opnieuw onderzoek, verbind, creëer en ontwikkel.
Alles komt samen in Atelier De Hemelbrug
Atelier De Hemelbrug geeft mij de ruimte om al die verschillende kanten niet meer van elkaar te hoeven scheiden. Hier komen mijn belangstelling voor de mens en de grote levensvragen, mijn brede ervaring in het begeleiden van mensen, mijn multidimensionale manier van kijken, mijn creativiteit en mijn liefde voor ontwikkelen bij elkaar.
Een schilderij kan hier uiteindelijk een Hemelbrugkaart worden. Een vraag kan uitgroeien tot een werkvorm. Iets wat ik tijdens het begeleiden of waarnemen steeds opnieuw tegenkom, kan aanleiding zijn voor verder onderzoek. Uit al die verschillende lijnen kan uiteindelijk weer een product, instrumentarium, methodiek of complete opleiding ontstaan.
Ik hoef vooraf niet altijd te weten welke vorm iets krijgt. Juist in het onderzoeken en creëren ontstaat vaak wat er nodig is. Voor mij gaat ontwikkelen vaak over het ontastbare tastbaar maken en het ongrijpbare begrijpelijk maken. Een vorm creëren die houvast geeft, maar iemand niet vastzet. Iets maken waarmee een ander vervolgens zelf kan ervaren, onderzoeken en verder kan bewegen.
Misschien is dat ook waarom Atelier De Hemelbrug zo goed bij mij past. Een ontwikkelatelier hoeft niet af te zijn. Het mág bewegen. Er mag iets ontstaan, groeien, veranderen en uiteindelijk weer ruimte maken voor iets nieuws.
Er zijn voor de ontwikkeling van een ander
Mijn brede ervaring helpt mij ook wanneer ik naast iemand anders zit. Ik heb door de jaren heen veel verschillende werelden van binnenuit leren kennen en weet dat ontwikkeling zelden één rechte lijn volgt. Kennis kan uit een opleiding komen, maar ook uit jarenlange ervaring, zelfonderzoek, nieuwsgierigheid, oefenen, fouten maken, opnieuw beginnen en vooral heel veel doen.
Daarom ben ik niet zo geïnteresseerd in iemand vertellen hoe hij of zij precies zou moeten werken. Ik vind het veel interessanter om samen te kijken naar wat iemand al meebrengt, wat er nog ontwikkeld wil worden en hoe kennis, ervaring, kwaliteiten en eigenheid steeds meer bij elkaar kunnen komen.
Dat zie je terug in mijn opleidingen en in de methodieken, werkvormen en het instrumentarium dat ik ontwikkel, maar ook in supervisie, practicum en de momenten waarop ik met iemand meedenk over zijn of haar eigen ontwikkeling of werk.
Als ieder mens zijn eigen plek inneemt
Er zit nog een gedachte onder mijn werk die voor mij heel belangrijk is. Ik geloof dat er iets verandert wanneer mensen steeds meer gaan leven en werken vanuit wie ze werkelijk zijn. Wanneer je ontdekt wat bij jou past, waar jij blij van wordt, wat jij te brengen hebt en daar ook daadwerkelijk vorm aan durft te geven.
Niet iedereen hoeft hetzelfde te doen. Juist niet. Wat bij mij hoort, hoeft niet bij jou te horen. Maar wanneer ik doe wat werkelijk bij mij past, kan ik daarmee mensen raken voor wie dat op dat moment iets betekent. En wanneer jij doet wat bij jou past, bereik jij weer andere mensen.
Zo ontstaat er een beweging die veel groter is dan wat één mens alleen kan doen. We beïnvloeden elkaar voortdurend. Wat we doen, hoe we met elkaar omgaan en wat we de wereld inbrengen, werkt door in onze relaties, onze omgeving en uiteindelijk in het grotere geheel waarvan we allemaal deel uitmaken.
Daarom betekent ontwikkeling voor mij ook niet alleen dat het met één individu beter gaat. Wanneer steeds meer mensen vanuit hun eigenheid leven en tegelijkertijd met liefde en respect naar andere mensen en de wereld om hen heen kijken, verandert er iets in hoe we samenleven.
Ik zie daarin ook een vorm van menselijke ontwikkeling: steeds bewuster worden van wie we zelf zijn én van onze verbondenheid met elkaar. Een beweging naar een mens- en wereldbeeld waarin eigenheid niet tegenover verbondenheid staat, maar er juist onderdeel van is. Waarin liefde, respect en ruimte voor elkaar steeds vanzelfsprekender mogen worden.
Daar wil ik met mijn werk graag aan bijdragen. Niet door te bepalen hoe een ander zou moeten leven of werken, maar door zelf te doen wat bij mij hoort en anderen te helpen ontdekken en vormgeven wat bij hen hoort.
En dus blijf ik ontwikkelen
Wat er de komende jaren allemaal vanuit Atelier De Hemelbrug zal ontstaan, weet ik zelf gelukkig ook nog niet precies. Er zullen nieuwe schilderijen komen, nieuwe vragen, ontmoetingen, ideeën, ruimtes, producten, werkvormen, methodieken en waarschijnlijk dingen waarvoor ik nu nog niet eens een naam heb.
Die ruimte wil ik graag behouden. Want hoe verschillend de vorm ook wordt, mijn vertrekpunt is eigenlijk nog steeds hetzelfde als wat mijn ouders al op mijn geboortekaartje schreven.
Blijven onderzoeken wie we zijn, wat ons beweegt en wat ik kan creëren of ontwikkelen waardoor het leven ergens een beetje mooier, zachter, begrijpelijker, troostender of liefdevoller kan worden.
En als wat ik ontwikkel vervolgens andere mensen helpt om op hún manier iets te betekenen voor de mensen die zij ontmoeten, werkt die beweging vanzelf verder.
Misschien hadden mijn ouders met dat ene woord dus gewoon gelijk: filantroop;)